Help me alsjeblieft

 Brutaal <– Naar deel 10 van het Spiegel verhaal

Help me alsjeblieft

Een aantal weken gaan voorbij. Samen met Meneer heb ik de meest fantastische dagen. Voel me echt meer dan gelukkig. Maar de komende week is Hij een paar daagjes weg. Dat wordt dus een nieuwe uitdaging. Maar in Zijn huis voel ik me echt thuis en we hebben ook samen wat regeltjes opgesteld zodat ik zelf ook zorg dat ik ook in een mooi dagritme blijf zitten. Iedere ochtend als we wakker worden beeldbellen we samen en zo ook iedere avond als ik moet gaan slapen. Maar nu na twee daagjes begin ik me toch een beetje alleen te voelen. Maar heb een plannetje bedacht. Ik ga zo na mijn ontbijt lekker richting strand. Ik heb me al lekker warm aangekleed in een fijne spijkerbroek en Meneer zijn warme trui die nog over de stoel hing. En als ik aan die trui ruik…zucht…zo is Hij toch een beetje bij me.

En al snel loop ik richting strand. Wil graag naar het plekje waar Hij zijn arm om me heen sloeg. Waar we samen veel gevoelens gedeeld hebben, ‘ons’ bankje. Even dat dat gevoel van samen zijn, maar dan in zijn trui. Op het strand is het nog heel vroeg. Een enkeling die ik zie lopen langs de waterkant. Stilte, alleen het geluid van het water, de vogels en het windje wat er staat. Eenmaal bij het bankje doe ik mijn schoenen uit. Met mijn voeten ga ik door het losse zand en kruip nog verder in Meneer zijn warme trui. En wanneer ik goed luister hoor ik Zijn stem. Die warme stem die me iedere keer weer zoveel rust geeft. En zo zit ik een paar uurtjes heerlijk te genieten van ‘ons’ plekje. Op die momenten dat ik alleen ben gaat er ook altijd van alles door me heen. Vraag ik me dingen af waar ik eigenlijk vaak het antwoord niet op weet. Maar zal ze straks allemaal opschrijven voor Meneer misschien dat we dan samen op zoek kunnen naar antwoorden. Want waarom voel ik me op momenten zoals nu toch zo alleen en soms zelfs heel verdrietig terwijl ik weet dat dat dus helemaal niet hoeft. Dat zijn dingetjes waar ik heel graag aan zou willen werken.

Diep weggezonken in mijn gedachten schrik ik op wanneer er iemand naast me komt zitten. En zodra ik zie wie het is zit mijn hart al in mijn keel. Snel schuif ik naar het uiterste puntje van de bank een stuk van hem af. Iets zeggen durf ik niet. Maar ik houd mijn blik op hem gericht zodat ik hem in de gaten kan houden. Want als er iemand is die ik niet vertrouw, dan is hij dat wel. Boosheid en echte woede komen bovendrijven. Een tijdje blijf ik hem aankijken. Wat ziet hij er slecht uit. Zoals nu heb ik hem nog nooit gezien. Volgens mij heeft hij zich echt al weken niet gewassen, maar ook zijn blik uit zijn ogen, zo dof en levenloos. Maar mijn boosheid zit te hoog. Ik pak mijn schoenen en loop toch weg. Snel het terras op waar ook andere mensen zijn. Daar ga ik aan een tafeltje zitten en bestel koffie. Al gauw wordt mijn koffie gebracht. Maar als ik opkijk is dat niet door de serveerster, maar door hem. Als in mijn ergste nachtmerrie volgt hij mij. Hij zet mijn koffie neer en naast mijn kopje legt hij een envelop. Daarna loopt hij zonder ook maar 1 woord te zeggen weer weg. Trillend zit ik op mijn stoel. Als ik hem echt niet meer zie loop ik heel snel weer terug naar huis. De envelop neem ik mee. Continu kijk ik om me heen of ik hem echt niet zie. En als ik thuis ben doe ik snel de deur dicht en goed op slot.

Heel voorzichtig, toch ook heel bang, open ik de envelop. Er zit een klein briefje in met maar een paar woorden “Help me alsjeblieft” Dat is alles wat er staat. Doodsbenauwd en bang kruip ik weg in het hoekje van de bank. De tranen zijn niet meer te bedwingen. Alle herinneringen komen weer net zo hard boven drijven. Huilend bel ik Meneer op. Want dit bange meisje wil ik niet meer zijn. En Hij is de enige die me begrijpt. Die snapt wat ik voel. Maar ook de enige die echt naar me luistert. Maar Meneer neemt niet op. Waarschijnlijk is Hij aan het werk en heeft daardoor dus nu even geen tijd. Ik pak een deken en kruip daar helemaal opgerold diep onder. Zo val ik in slaap op de bank. Heel onrustig slaap ik totdat ik gewekt wordt door de telefoon.

Het is Meneer. Huilend neem ik op. En dan is daar die rustige warme stem.

 

“Wat is er meisje? Waarom huil je?”

 

En zo vertel ik alles wat me die dag gebeurd is. Hij onderbreekt me geen enkel moment maar blijft luisteren. En wanneer ik klaar ben is Hij even stil.

 

“Dat is niet fijn wat er gebeurd is meisje. Dat begrijp ik maar al te goed. Maar wil dat je nu 1 ding voor me gaat doen en ik zal bij je blijven. Loop naar boven, pak de stoel en ga voor de spiegel zitten. Ik wil dat je nu dat lieve meisje wat je bent heel snel weer gaat helpen bovenkomen.”

 

En zo neem ik Meneer via de telefoon mee naar boven. Pak de stoel en ga voor de spiegel zitten zoals Hij gevraagd heeft.

 

“Meisje, kijk nu heel goed. Ik snap dat je bang, boos en verdrietig bent, Maar achter al die gevoelens zit jij, dat lieve mooie meisje. Zoek haar maar. Droog die tranen even en kijk. Mijn trui, voel, dat zijn mijn armen om je heen. Ik bescherm je terwijl jij zoekt. Want ze is er echt.”

 

En zo samen met Meneer vond ik haar achter het verdriet toch weer terug. Heel voorzichtig zag ik weer een lach verschijnen. Dat meisje ze is er gelukkig nog steeds.

 

“Zie je meisje daar is ze. Houd haar vast. Die verdriet en boosheid, die gaan nog veel vaker komen. Het is niet leuk dat besef ik ook maar al te goed. Maar weet dat ook die gevoelens je verder zullen gaan helpen. En samen kunnen wij dat aan. Nog twee daagjes en dan ben ik weer thuis. Ik beloof je dat ik tijd zal maken om wat vaker te bellen. En als het niet gaat dan bel jij mij net zoals je nu ook deed. Afgesproken meisje?”

“Ja, Meneer dat beloof ik U. Kan niet wachten tot U weer thuis bent.”

“Neem nu maar een lekker warme douche meisje en maak het jezelf vanavond gemakkelijk. We bellen later nog even. Dikke kus lieverd.”

“Tot vanavond Meneer. Hele dikke kus en knuffel.”

 

Zoals afgesproken stap ik onder een hele warme douche, Was het verdriet en de angst van vandaag van me af. En trek ook iets heerlijk zachts en comfortabels aan. Als ik wil gaan eten zie ik toch weer dat kaartje liggen. Ik pak het kaartje nog een keer. En lees het weer “Help me alsjeblieft.” En hoe nar het ook is, dat kaartje roept toch vragen op bij me. Heeft hij echt hulp nodig? Wat is er aan de hand? Hij zag er slecht uit. En hoewel alles in me roept dat ik hem misschien best wel kan helpen, roept de andere kant ook net zo hard “Nee niet doen. Wie heeft je in de vernieling geholpen? Weet je het nog?” Natuurlijk weet ik het nog. Maar ik ben iemand die normaal altijd iemand helpt wanneer die hulp nodig heeft. Zelfs als ze niet mijn vrienden zijn. Zal ik anders toch even bellen. Maar na wikken en wegen met mezelf besluit ik dat het beter is het kaartje aan de kant te leggen en het eerst te bespreken met Meneer. Als hij echt hulp nodig heeft kan dat over een paar dagen vast ook nog wel.

Wanneer ik net op de bank kruip gaat mijn telefoon. Het is Meneer weer.

 

“Meisje gaat het weer een beetje? Ik dacht misschien heb je zin om samen met mij een filmpje te kijken.”

“Ja, hoor Meneer het gaat gelukkig weer een stukje beter. Dat lijkt me leuk om samen te doen. Waar kan ik het filmpje bekijken Meneer?”

“Open je laptop maar meisje. Dan zet ik het filmpje aan.”

 

Als ik de laptop open, zie ik dat Meneer al vanaf de andere kant op mijn laptop bezig is. En al snel begint het filmpje

 

“Kijk rustig meisje. ik wil je er straks wat over vragen.”

 

Dat dat filmpje wat met me doet is duidelijk. Allerlei gevoelens stromen door mijn lichaam. Gevoelens van opwinding maar toch ook een beetje angst. ik hoor het geluid van de zweep door de lucht, het meisje kreunt en gilt het uit. En dan dat andere…. Wanneer het filmpje is afgelopen start Meneer het nog een tweede keer en daarna nog een derde keer.

 

“Wat is het mooi om te zien hoe jij naar dit filmpje kijkt meisje. Ik moest het gewoon nog een keertje zien. Hoop niet dat je het erg vond.”

“Nee Meneer geheel niet erg. Het is een erg fijn filmpje om naar te kijken.”

“Wat denk je, zou je dat ook durven?”

“Als U erbij bent Meneer ga ik dat vast wel durven.”

“Dat is fijn om te horen meisje. Dan ben jij morgenavond dat meisje.”

“Morgenavond Meneer? Maar dan bent U toch nog niet thuis?”

“Als jij dit met mij aandurft te gaan ben ik zeker morgenavond wel thuis.”

“Dat durf ik zeker wel Meneer. Heel graag zelfs.”

 

Na nog even samen praten, sluiten we het gesprek af.

 

“Slaap lekker Meisje. Handen boven de dekens he (met een dikke knipoog)  Bewaar dat maar fijn voor morgen”

“Slaap lekker Meneer. Ik zal het voor U bewaren. Tot morgen. Kus.”

 

En met een fijn gevoel kruip ik mijn bedje in.

 

Meneer komt morgen thuis …

©2018 By kleintje

Naar deel 12 van het Spiegel verhaal –> Gevoelens doen rare dingen

Pagina delen:

6 reacties

    • bykleintje

      Hoi Pieter,

      Ik vind het geen probleem wanneer je mijn verhaal wilt delen, mits dat via een link naar mijn website is. Ik heb namelijk slechte ervaringen met copy/paste delen. Aangezien zo al een keer een gehele website van mij gestolen is.

      Groetjes Kleintje

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Terug naar boven