Het veertje

Het veertje

Onrust raast door me heen. De laatste maanden zijn zwaar. Ik voel me eenzaam, en soms zelfs verlaten en verraden. Ieder uur van de dag, iedere minuut, iedere seconde mis ik je. Ik mis de warme zonnestralen, van jouw zijn, waarmee je me raakte. Je hebt me heel diep en intens in mijn hart geraakt. Samen waren we altijd vier handen op één buik. Samen hadden we aan een blik genoeg om elkaar te begrijpen. Maar nu…

Donkere wolken pakten onverwachts samen en verdrongen die mooie prachtige zon met haar warme zonnestralen. De kracht om die wolken weg te duwen, zodat het zonnetje weer kon gaan stralen, was er niet. En zo verdween dat mooie, prachtige, lieve zonnetje uit mijn leven. Een afscheid was er niet. Ineens waren die  warme zonnestralen  verdwenen. Ze maakte plaats voor een tranenregen van gemis en pijn. Nooit meer samen.

 

De dagen zijn lang. Ik sleep me door ieder uur en iedere minuut. Stiekem hoop en verlang ik ernaar dat de wolken weer openbreken en dat die mooie warme zonnestralen dan nog feller mogen stralen dan voorheen. Verdriet, verlangens en gevoelens doen rare dingen. Ze gaan aan de haal met je gedachten. Maar af en toe komt het weer binnen. En realiseer ik me, je bent niet meer hier.

 

Vandaag is weer zo’n dag. Een dag van intens gemis. Met moeite uit mijn bed gestapt. het was een lange dag. Net een warme douche gehad. En nu nog even op mijn bed voordat ik mezelf weer naar beneden sleep. De deur gaat open. Daar staat Meneer. Hij ziet mijn dagelijkse worsteling. We praten veel. Maar ik laat Hem niet altijd binnen in mijn gevoelens. Ook nu ziet Hij weer die tranen. Hij komt naast me zitten op bed. Gaat met Zijn handen door mijn haar. En kust de tranen van mijn wangen. Op mijn nachtkastje staat een vaasje met een veer. Onze veer, de veer van mijn Dinnetje en mij. Waar het vandaan kwam, ik weet het niet. Maar ik bied de veer aan, aan  Meneer. Even wil ik wat zeggen. Maar Hij legt Zijn vinger op mijn lippen.

“Sttt….”  Hij schudt met Zijn hoofd.

 

Ik blijf stil. De ruimte is gevuld met intens verdriet.

Met de veer gaat Hij langs mijn huid. Langs de onderkant van mijn voeten, tussen mijn tenen, om mijn enkels. En vervolgt de weg heel rustig langs mijn kuiten en knieën, kriebelt even in mijn lies, en gaat door naar mijn buik. Een ritueel wat ik altijd samen had met mijn Dinnetje. Wat Meneer zo vaak heeft mogen zien gebeuren. Wanneer ik mijn ogen sluit voel ik weer even haar aanwezigheid. Die stralen, jouw warme zonnestralen verwarmen mijn huid. Ze komen binnen in het diepste van mijn ziel. De zilte zoute tranen van gemis stromen nog harder. Meneer laat zich er niet door afleiden. En vervolgt “ons” pad met het veertje. Een klein rondje om mijn navel, waar Hij vervolgens een kus plaats, langs mijn borsten, mijn tepels, mijn schouders, nek en het puntje van mijn neus. Die beweging, dat gevoel brengt me weer heel dicht terug bij jou. In gedachten drijf ik ver weg. Even laat Meneer me gaan. Raakt dan mijn kin aan en kust me op mijn voorhoofd. Wanneer ik mijn ogen open zie ik daar Meneer en het veertje. Hij laat me het veertje kussen en zet het terug in het vaasje waar het hoort. Zijn ogen zijn gevuld met tranen. Maar wanneer ik omhoog wil komen om Hem te omarmen en wil praten, legt Hij weer zijn vinger op mijn lippen.

 

“Sttt… meisje. Blijf nog even daar. Blijf nog even in dat gevoel. Ik vind het zo fijn dat ik je weer even daar kan brengen waar je zo graag wilt zijn. En dat met zo iets kleins, de zachte aanraking van een veertje. Ik zie jouw intense houden van, het gemis en het verlangen. En ik hoop dat je weet dat ze je niet verlaten heeft. Laat staan verraden. Ze is nog heel dichtbij. Je voelt haar nog steeds. Ze is hier bij jou, bij ons. Wanneer ik zie wat dit alleen al met je doet. Dan ben ik blij dat ik je weer even samen met haar heb kunnen brengen. Samen in gevoel. Het geeft me ook een heel fijn gevoel dat je me het toeliet om het veertje te gebruiken. Dat je me toelaat in jouw intense verdriet. Weet dat je daar in niet alleen bent. Ook ik mis haar. Maar ook mis ik ons. Je duwt me weg. Soms laat je me niet meer toe in je gevoelens en dat doet pijn. Maar vandaag mocht ik daar zijn. Dank je meisje voor dat vertrouwen.”

 

Daarna was Meneer stil. Ik hoorde Zijn woorden, Zijn verdriet, Zijn zorgen. En ik weet dat Hij daar gelijk in heeft. In al mijn verdriet laat ik niemand meer dichtbij. Sluit ik me zelf af. Bang en angstig om nog eens verlaten te worden door iemand die ik lief heb. En realiseer me nu dat ik nu degene ben die Hem in mijn gevoel verlaat. Iets wat ik absoluut niet wil. We zijn al zo lang samen dat wil ik niet kapot maken. We zullen samen door dit verdriet heen moeten gaan. Tranen biggelen over mijn wangen.

 

“Meneer, ik mis haar zo. Soms is het verdriet zo zwaar dat ik niet meer kan. En ik ben zo bang dat er een dag komt dat ik weer iemand moet verliezen. Ik weet niet of ik nog een keer door zoveel verdriet zou kunnen gaan. En realiseer me nu dat ik het liefste wat ik heb, U Meneer, heel hard van me weg duw. Bang dat er een dag komt dat ik ook U moet gaan verliezen. Die gedachten alleen al doet zon pijn.”

Terwijl ik dat vertel zoek ik het meest veilige plekje op wat ik kan. Ik kruip weg in de armen van Meneer. De meest veilige haven die ik ken. De warmte stroomt binnen. En na een tijdje kom ik weer tot rust. 

 

“Samen gaan we de juiste weg weer vinden meisje. Kunnen we dit verdriet samen dragen. En wanneer je de behoefte hebt, zal ik je af en toe terugbrengen met het veertje. We zullen haar altijd blijven herinneren. Het gemis is nu nog heel intens. Maar ik weet dat ze hier bij je is. Dat ga jij ook voelen. Geef het de tijd.”

 

Meneer pakt mijn hand. We lopen naar het dakterras. Daar kruipen we samen op de bank. En wanneer we naar boven kijken zien we een grote ster stralen aan de donkere hemel. Ik kijk Meneer aan, HIj knikt. Alsof HIj weet wat ik denk. Mijn mooie, lieve warme zon, is een prachtige ster geworden. Even voel ik daar weer een traan lopen. In gedachten praat ik nog even met jou lieve Dinnetje. Je zult er altijd zijn.

 

“Het is goed meisje, laat ze maar gaan. Ze mist jou ook.”

 

Samen praten we nog lang verder. Halen mooie herinneringen van ons samen op. Tranen lopen, maar ook is daar met regelmaat die lach. Wat hebben we samen een plezier gehad in de tijd dat we samen mochten zijn. Dat zullen we samen blijven vasthouden in de herinnering aan jou, lief Dinnetje. Vergeten zal ik je echt nooit.

 

Stilletjes kruip ik daarna weer weg bij Meneer, mijn veilige haven.

©By kleintje – 11 maart 2021

Pagina delen:

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Terug naar boven